Doei, allerliefste Buttons. Bedankt dat je er voor me was. Bedankt dat je 16 jaar (!!!) deel uitmaakte van mijn leven. Dankjewel voor alle schootslaapjes op de bank, in bed en tijdens het werk. Dankjewel dat je tot het laatste moment jezelf was. Zelfs toen je dat niet meer was.
Mijn allerliefste Buttons is er niet meer. M’n beste meisje kon niet meer. Ze wilde wel. Ze wilde echt heel graag en bleef tot de laatste minuut vechten voor haar bestaan. Maar het mocht niet baten. Mijn schoot is leeg. Dat is misschien wel de simpelste manier waarop ik kan uitleggen hoe het voelt nu Buttons er niet meer is.
Zestien jaar lang heb ik van haar mogen genieten. En ik hoop dat het wederzijds was. Ik weet eigenlijk vrij zeker dat het wederzijds was. Nu ze er niet meer is, merk ik pas hoeveel van mijn dagen uit kleine stukjes Buttons bestonden. Vooral tijdens mijn werk. Ik kroop achter mijn laptop en vroeg of laat kwam ze bij me liggen. Op schoot, of achter me. En soms, vooral tijdens vergaderingen, liet ze iedereen haar kont zien. Ze was er. Ik werkte, zij sliep. Het was altijd fijn, maar nooit bijzonder. Want je begint zulke dingen als iets vanzelfsprekends te zien. Totdat het er niet meer is.
De afgelopen weken waren verschrikkelijk. In juli werd ze eigenlijk al ziek, maar gingen we uit van een alvleesklierontsteking. En waarschijnlijk was dat het ook, want ze knapte flink op. Medio augustus zag ik mijn meisje weer mijn meisje zijn. Maar op een gegeven moment merkte ik iets op en van daaruit ging ze snel achteruit. En dat gebeurde pas op het moment dat ik er niet kon zijn voor haar. Ik zat voor werk in Nederland, terwijl mijn liefste Buttie in rap tempo achteruitging (mijn vriend zorgde voor haar). Ik was zo bang dat ik haar niet meer levend kon zien. Net zoals bij Fabrizio toen, tien jaar geleden alweer.
Maar gelukkig hield ze het vol. Want die levenslust was er volop. Ondanks alles was ze er nog zó erg. Ze wilde eten. Ze liep buiten in de tuin. Ze kwam voor aandacht. Ze was actief en aanhankelijk. Dat maakte het misschien nog moeilijker. Haar lichaam werkte op steeds meer plekken niet meer mee, ondanks alle medicijnen. Maar Buttons zelf leek nog helemaal niet klaar om te vertrekken. Mijn god, wat heeft die meid gestreden om er te mogen zijn.
Uiteindelijk moest ik de keuze voor haar maken. Ook al ben ik er nooit achtergekomen wat er precies met haar aan de hand was. Ondanks een MRI, echo’s, oogonderzoeken en miljoen bloedtests. Maar zeer waarschijnlijk had een diagnose de situatie nooit kunnen veranderen. En was het zoals het was. Desondanks wil ik weten wat ze had. Ik wil een naam. Een oorzaak. Een verklaring. Misschien omdat het me het gevoel geeft nog ergens grip op te hebben gehad? De dierenartsen verwijt ik niks, want die hebben echt alles uit de kast getrokken voor mijn meisje. ALLES.
Ik zal het nooit weten. Maar wat ik wel weet, is dat ik op een gegeven moment niet meer kon wachten op een antwoord dat misschien nooit zou komen. Ik kon niet blijven hopen omdat ík nog niet klaar was om afscheid te nemen. En jeetje, ik was daar absoluut niet klaar voor. En waarschijnlijk zou ik dat ook nooit zijn.
Buttons is zestien jaar geworden. Zestien!!! Ik weet dat dat een prachtige leeftijd is voor een kat. Ik weet dat ik ongelooflijk veel jaren met haar heb mogen doorbrengen. Wat een geluk. Ik weet dat ik uiteindelijk voor haar heb gekozen toen verdergaan niet meer eerlijk voelde. Maar goed, deze rationele dingen maken het gemis niet kleiner.
Ze ligt nu begraven in onze tuin en ik kan het nog nauwelijks bevatten dat Buttie daar ligt. Ik zit nu achter mijn laptop en verwacht haar. Mijn lichaam lijkt nog niet helemaal te begrijpen dat ze niet meer komt. Er is een lege plek op mijn schoot waar zestien jaar lang een rond, zwart bolletje lag. Ook elders in huis zijn er van die momenten waarop ik haar bijna automatisch zoek. Of denk te zien. Mijn hersenen houden er nog steeds rekening mee dat hier een zwarte poes rondloopt. En iedere keer steekt het besef dat ze er niet meer is.
Oh, wat mis ik mijn zwarte bolletje. Altijd een beetje te dik. Eigenwijs. Rustig. Lief op haar eigen termijn. Aanhalig. Altijd in mijn buurt. Ze was echt onderdeel van ons gezin en er is een groot gat ontstaan. Ze woonde niet simpelweg in ons huis, ze nestelde zich in onze routines. In onze levens. Maar vooral in onze harten. In mijn hart. En daar zit nu ineens zo’n groot gat. Ik weet nog niet zo goed hoe ik moet wennen aan dat lege plekje. Waarschijnlijk niet door daar hard voor te werken. Ik denk dat ik haar voorlopig gewoon heel hard ga missen.
En misschien wordt dat gemis uiteindelijk zachter. Misschien kan ik straks achter mijn laptop zitten en vooral glimlachen omdat ik eraan denk hoe ze altijd bij me kwam liggen, in plaats van alleen maar die lege schoot te voelen. Maar nu nog even niet. Nu mis ik gewoon mijn allerbeste, allerliefste en allerbolligste meisje. 💔💔💔

Och wat een verdrietig nieuws… Heel erg veel sterkte met dit grote verlies <3De hemel heeft er een mooi sterretje bij… Knuffel!